Home

Achtergrond 868 bekeken

Boeren kopen groter dan de loonwerker

Op de Agritechnica-beurs staat het Sloveense hooibouwmerk SIP, dat door Zonna in Beilen wordt geïmporteerd. Drie vragen aan Zonna-directeur Gerben Hepping.
Melkveehouders willen slagkracht om hun steeds grotere arealen in kortere tijd te bewerken. SIP springt erop in met relatief eenvoudige maar brede machines. - Foto: Mark Pasveer
Melkveehouders willen slagkracht om hun steeds grotere arealen in kortere tijd te bewerken. SIP springt erop in met relatief eenvoudige maar brede machines. - Foto: Mark Pasveer

SIP lanceert steeds bredere werktuigen. Na de 14- elementsschudder, nu een 15 meter brede maaier, een 4-elementshark en een bandhark. Is dat ook courant voor Nederland?

“Als het kon, had ik al drie van die brede maaiers op voorraad genomen. Ik denk dat er zeker klanten voor zijn. Er is hier al een Nederlandse veehouder voor geweest. Melkveebedrijven zijn groot geworden en willen de gehele snede toch in één keer inkuilen. Daar is slagkracht voor nodig, zodat snel grote oppervlaktes te maaien zijn. Bovendien kun je met deze 15 meter-maaier de trekker afkoppelen en nog ergens anders voor gebruiken. Een zelfrijdende maaier is dan een stuk duurder en meer geschikt voor een loonwerker.”

Gaan dergelijke werkbreedtes veel naar veehouders?

“Ik zie dat juist grote veehouders geïnteresseerd zijn, zowel in de brede maaier als in de 4-elementshark. Nog meer dan loonwerkers. Grote melkveebedrijven zijn vaak al te groot voor een loonwerker. Dan zijn loonwerkers de hele dag bezig met één klant en kunnen ze anderen niet bedienen.

“De duurdere harken gaan meer naar loonwerkers”

Veehouders die zelf maaien hebben maar beperkt de tijd. SIP heeft de machines daarbij degelijk en niet te ingewikkeld gemaakt, zodat de prijs ook aantrekkelijk blijft. De duurdere harken gaan meer naar loonwerkers.”

Staan Nederlandse boeren open voor nieuwere merken die je hier op de Agritechnica-beurs ziet?

“Ja, zeker. SIP doet het goed en dat importeren we al weer tien jaar. Daarom is er ook geen discussie meer over de inruilwaarde, wat vroeger wel zo was. Wij verkopen ook Horsch-spuiten en Kotte Garant-mesttechniek, beide topmerken in Duitsland. Horsch is niet de goedkoopste, maar kwalitatief goed en andere merken kijken er zelfs een beetje tegen op. In Nederland kennen klanten het nog niet en dan kost het natuurlijk meer energie om het onder de aandacht te brengen. Er speelt daarbij ook dat de distributiekanalen veranderen. Hier komen bijvoorbeeld Lely dealers, die zich oriënteren op een nieuw merk na de verkoop aan Agco. Sommigen zijn gebonden aan hun trekkermerk en moeten daar hun hooibouwmerk op afstemmen. Wij zijn trekkermerk onafhankelijk.”

Of registreer je om te kunnen reageren.