Home

Achtergrond 1155 bekeken

De Allis Chalmers D21 van Fred Visser

In 1957 introduceerde Allis Chalmers de D14 als eerste trekker in de nieuwe D-lijn. In 1963 is deze serie afgerond met de D21. Daarmee bracht Allis Chalmers zijn eerste trekker boven 100 pk op de markt. Vanaf 1965 kreeg de D21 een turbo. Fred Visser heeft al een jaar of vijftien zo’n exemplaar in zijn verzameling.
In Nederland nooit verkocht en in Europa zeldzaam: de Allis Chalmers D21. Wat vormgeving betreft ook totaal anders dan iedere andere Allis Chalmers. -
Foto’s: Hans Prinsen
In Nederland nooit verkocht en in Europa zeldzaam: de Allis Chalmers D21. Wat vormgeving betreft ook totaal anders dan iedere andere Allis Chalmers. - Foto’s: Hans Prinsen

De Allis Chalmers D-serie had nog ronde vormen. Maar de D21 is, als zwaarste in de serie, bewust vierkant vormgegeven om de trekker een extra stoer uiterlijk te geven. Inclusief grote vierkante spatborden, en een groot platform met een stuur dat samen – met het dashboard – verstelbaar is. De rest van de D-serie had nog de veel kleinere schelpvormige spatborden en de meer traditionele opbouw, zonder vlakke vloer voor de chauffeur. ‘Zo groot als een balzaal’ adverteerde Allis Chalmers destijds met een foto van het ‘operators platform’.

Koplampen in de grill heeft Allis Chalmers nooit gekend. De volledig gesloten spatborden waren in 1963 een echte noviteit.
Koplampen in de grill heeft Allis Chalmers nooit gekend. De volledig gesloten spatborden waren in 1963 een echte noviteit.

Met 103,06 pk aan de aftakas en 93,09 pk aan de trekhaak was de D21 de eerste Allis Chalmers in de 100 pk-plus klasse. De motor was de eerste direct ingespoten diesel bij dit merk. Allis Chalmers introduceerde zijn tot dan toe zwaarste trekker, de D19, in 1961. Die gold toen als de eerste landbouwtrekker die af-fabriek mét turbo werd geleverd. In 1965 volgde de One-Ninety de D19 op. Die stond genoteerd voor een nominaal vermogen van 93,64 pk, maar bleek in de praktijk makkelijk op te schroeven richting 100 pk. Zo kreeg de D21 concurrentie uit eigen stal. Omdat de D21 nog steeds als vlaggenschip te boek stond, kreeg die in 1965 een turbo. Deze versie is als Series-II op de markt gebracht. Het vermogen aan de aftakas ging bijna 25% omhoog, naar 127,75 pk.

Achterop alleen een zwaaiende trekhaak, aftakas en hydrauliekaansluitingen. Hoewel, de achterbrug is duidelijk voorbereid voor een hefinrichting.
Achterop alleen een zwaaiende trekhaak, aftakas en hydrauliekaansluitingen. Hoewel, de achterbrug is duidelijk voorbereid voor een hefinrichting.

Nieuwe transmissie

Met de D19 borduurde Allis Chalmers nog voort op bestaande trekkers. Maar voor de D21 was een volledig nieuwe transmissie noodzakelijk. Dat werd een handgeschakelde bak met vier versnellingen, en een hoge en een lage groep. Onder belasting hoog-laag schakelen kon bij deze fabrikant al sinds 1957. Deze zogenoemde Power-Director-transmissie was op de D21 echter niet beschikbaar. De versnellingspook staat bij de D21 nog steeds direct op de versnellingsbak, en is het enige dat uit het volledig vlakke platform omhoog steekt.

Hangende pedalen, volledig vlakke vloer, en een comfortabele, op een schuine rails geplaatste stoel: in 1963 hét voorbeeld van een moderne Amerikaanse trekker. Als enige steekt de versnellingspook nog door de vloer omhoog. Later verhuisden nog meer hendels naar consoles op de zijkant.
Hangende pedalen, volledig vlakke vloer, en een comfortabele, op een schuine rails geplaatste stoel: in 1963 hét voorbeeld van een moderne Amerikaanse trekker. Als enige steekt de versnellingspook nog door de vloer omhoog. Later verhuisden nog meer hendels naar consoles op de zijkant.

De D21 was tevens de eerste Allis Chalmers-trekker met volledig hydrostatische besturing. Dat maakte het ook mogelijk om de hoek van het stuur sámen met het dashboard te verstellen. Dit ontwerp (inclusief de brandstoftank achterop) werd de standaard voor de zware Amerikaanse trekkers uit de jaren zestig en zeventig.

Kenmerkend voor de D21 - en ook voor de opvolgers van de D-serie - is het smalle, met de verstelbare stuurkolom geïntegreerde dashboard.
Kenmerkend voor de D21 - en ook voor de opvolgers van de D-serie - is het smalle, met de verstelbare stuurkolom geïntegreerde dashboard.

In 1965 voerde Allis Chalmers dit ontwerp ook door bij de nieuwe serie trekkers. Verder bracht het de bediening meer in consoles onder.

Vierwielaandrijving was in Amerika in de jaren zestig nog nauwelijks aan de orde. Toch zijn er van de D21 tien stuks gemaakt met hydraulische voorwielaandrijving. Dat bleek geen succes. Negen van die tien zijn weer omgebouwd naar tweewielaandrijving; slechts één gebruiker besloot de trekker te houden zoals hij was.

Motor zescilinder Allis Chalmers 3400 of 3500 (Turbo, Series II)
Inhoud 7 liter
Motorvermogen 103 pk of 127,75 pk (Series II) aan de aftakas
Gewicht 5.307 kg
Versnellingen 8V/2A
Inhoud brandstoftank 196,8 liter
Afmetingen lengte 407 cm, hoogte (motorkap) 182 cm, (stuurwiel) 229 cm
Banden voor: 7.50×20 of 11.00×16, achter 18,4×34 of 24.5×32
Productieaantallen 1.128 stuks, D21 Series II 2.329 stuks

De D21 was de eerste Allis Chalmers met volledig hydrostatische besturing, én voorzien van een verstelbare vooras. Ietwat eigenaardig zijn de schoren, waar de stuurstangen doorheen lopen.
De D21 was de eerste Allis Chalmers met volledig hydrostatische besturing, én voorzien van een verstelbare vooras. Ietwat eigenaardig zijn de schoren, waar de stuurstangen doorheen lopen.

Sterke motor

De motor van de D21 bleef tot omstreeks 1985 in productie. De krachtbronnen van de conventionele 8070 en de kniktrekker 4W220 (die het einde van Allis Chalmers markeren) zijn op hetzelfde blok gebaseerd. Met turbo en intercooler inmiddels goed voor 186 pk aan de aftakas.

De motor is een eigen ontwikkeling en productie van Allis Chalmers. Het blok bleef de basis voor de zware Allis Chalmers-trekkers tot het einde, in 1984. Net als veel Amerikaanse tijdgenoten voorzien van key-gas starthulp.
De motor is een eigen ontwikkeling en productie van Allis Chalmers. Het blok bleef de basis voor de zware Allis Chalmers-trekkers tot het einde, in 1984. Net als veel Amerikaanse tijdgenoten voorzien van key-gas starthulp.

Zoals de meeste grote Amerikaanse full-liners kwam Allis Chalmers in de jaren tachtig in problemen door de diepe en langdurige crisis in de Amerikaanse landbouw. Het deed zijn landbouwdivisie in 1984 over aan Deutz. Dat beëindigde de productie vrij snel en stickerde de laatste trekkers om naar Deutz-Allis. Deutz bleek alleen geïnteresseerd in het dealernetwerk, maar dat bleek een vergissing. De Duitsers zagen geen andere uitweg dan in 1990 Deutz-Allis via een management buy-out van de hand te doen. De Allis-Gleaner Corporation (Agco) was toen een feit.

Vader was Allis Chalmers-dealer

Fred Visser (73) uit Zevenhuizen (Z.-H.) is eigenaar van installatiebureau P. Visser & zonen. En van deze prachtige Allis Chalmers D21.
Fred Visser (73) uit Zevenhuizen (Z.-H.) is eigenaar van installatiebureau P. Visser & zonen. En van deze prachtige Allis Chalmers D21.

Fred Vissers grootvader Piet startte in 1903 als boerenzoon een smederij in Zevenhuizen. Dat is de basis van het huidige installatiebedrijf P. Visser & zonen, waar Fred nog steeds de eigenaar van is. Omstreeks 1915 startte Piet Visser ook een loon-dorsbedrijf. Aanvankelijk met locomobielen; later ook met drie Hart Parrs en één Allis Chalmers A-trekker, die vier dorsmachines aandreven. Ook Fred zat nog op de combine. Maar omdat dat steeds minder bij het overige werk paste, is het loondorsen in 1971 gestopt.
Zijn vader was ook Allis Chalmers-dealer. Dat verklaart Freds voorliefde voor het merk. Twee van de drie oorspronkelijke Hart Parrs zijn bewaard gebleven, en maken deel uit van zijn verzameling – naast meerdere Allis Chalmers-trekkers. Met zijn interesse voor Allis Chalmers en voor Amerikaans materiaal leek een D21 hem ook wel wat. In Europa zijn ze nooit verkocht, maar sporadisch komt er wel eens één de plas over. Zo’n 15 jaar geleden was in Brabant deze D21 te koop. Goed lopend, maar, naar achteraf blijkt toch met een paar slechte tandwielen in de achterbrug. Een startmotorrevisie, een andere hydrauliekpomp en achterbanden, plus stralen en opnieuw spuiten van het plaatwerk. Dat is het enige wat aan de trekker is gedaan. De motor loopt als een zonnetje, en heeft nog de originele lak.

  • De Allis Chalmers D21 van Fred Visser
  • Trekker

    Trekker

  • Trekker

    Trekker

  • Trekker

    Trekker

Of registreer je om te kunnen reageren.